Gedeelde criteria voor het onderscheiden van nieuwe instituten, een gedelegeerde voor het Godgewijde leven in elk bisdom, en contracten of memoranda van overeenstemming over vorming, gendergelijkheid, vergoeding en het beheer van goederen. Dat zijn de belangrijkste aanbevelingen die te lezen zijn in het Eindrapport van Studiegroep 6 dat het Algemeen Secretariaat van de Synode vandaag publiceerde. Deze Studiegroep had als onderwerp “De herziening, vanuit een synodaal-missionair perspectief, van de documenten die betrekking hebben op de verhouding tussen bisschoppen, het Godgewijde leven en kerkelijke verenigingen.” Daarnaast verscheen een tweede deel van het rapport van Studiegroep 7 over ad liminabezoeken. Deze studiegroepen zijn ingesteld aan het einde van de Synode over een Synodale Kerk om een aantal kwesties nader te onderzoeken.
Studiegroep 6: noodzaak tot een ‘relationele bekering’
Het doel van het rapport is reflecties en praktische suggesties aan te reiken aan de paus over de dringende noodzaak tot een ‘relationele bekering’ tussen bisschoppen en het Godgewijde leven en kerkelijke verenigingen – verenigingen van gelovigen, kerkelijke bewegingen en nieuwe gemeenschappen. Dat gaat verder dan functionele of louter hiërarchische benaderingen. Het gaat om relaties die gebaseerd zijn op vertrouwen, wederzijds luisteren en een genereuze uitwisseling van gaven. Dit vraagt om een concrete inzet voor verandering, zowel innerlijk – van hart en houding – als structureel – van taal, methoden en ontmoetingsruimten.
De voorstellen die gedaan worden in het rapport betreffen drie verschillende gebieden: de relaties tussen bisschoppen en het Godgewijde leven; de samenwerking tussen bisschoppenconferenties en conferenties van hogere oversten; en de relaties tussen kerkelijke verenigingen en lokale Kerken.
Relaties tussen bisschoppen en het Godgewijde leven
- Het ontwikkelen van theologische en juridische criteria voor de onderscheiding bij de goedkeuring van nieuwe instituten, sociëteiten van apostolisch leven en nieuwe vormen;
- Het aanstellen van gedelegeerde of vicaris voor het Godgewijde leven in elk bisdom. Er moeten jaarlijkse ontmoetingen komen tussen bisschoppen, Godgewijde personen en conferenties van hogere oversten.
- Synodale begeleiding bij de meer delicate overgangsfasen die veel instituten doormaken. Zoals ibij afnemende roepingen, de opheffing van gemeenschappen en de bestemming van goederen. Dit kan via bezoeken op maat, ruimte voor gesprek en geestelijke ondersteuning.
- Verplichte contracten of memoranda van overeenstemming tussen bisdommen en instituten waarin missie, vorming, gendergelijkheid, vergoeding en het beheer van goederen worden geregeld, vergezeld van bemiddelingscommissies, termijnen en verantwoordingsindicatoren.
Samenwerking tussen bisschoppenconferenties en conferenties van hogere oversten
- Ad-liminabezoeken zouden gezamenlijk door beide voorbereid moeten worden. Op deze manier ontstaat er een goed beeld van de volledige kerkelijke werkelijkheid.
- Het zoeken naar gelegenheden voor broederschap zoals retraites en jubilea. Tevens zouden er jaarlijkse bijeenkomsten moeten zijn van de beide secretarissen generaal om hun wederzijdse kennis te bevorderen.
- Gezamenlijke vorming: modules over synodaliteit, ecclesiologie en leiderschap in seminaries, noviciaat en vormingscentra.
- Synodale projecten: jaarlijkse multidisciplinaire initiatieven (geestelijken, gewijde personen, leken) ten dienste van de periferieën; evaluatiecommissies om beste praktijken te beoordelen en te bevorderen.
- Permanente synodale structuren: duidelijke protocollen inzake pastorale samenwerking en middelen; religieuze afgevaardigden in bisschoppenconferenties; volledige vertegenwoordiging van gewijde personen en leken in besluitvormingsorganen.
Betrekkingen tussen kerkelijke verenigingen en lokale kerken
Ook op het gebied van kerkelijke verenigingen en bewegingen doet de Studiegroep een aantal aanbevelingen.
a. Er moet meer duidelijkheid komen in de terminologie: verenigingen van gelovigen, bewegingen, nieuwe gemeenschappen. Dat kan door kwalitatief luisteren naar moderatoren en bisschoppen, zodat concrete uitdagingen en praktijken kunnen worden geïdentificeerd. Het vraagt tevens dat kerkelijke verenigingen systematisch worden opgenomen in diocesane pastorale plannen en participatieve organen; adviesorganen, pastorale raden en synodale vergaderingen. Belangrijk si ook de ontwikkeling voor van netwerken tussen verenigingen voor gezamenlijke projecten, het delen van middelen en de bevordering van charismatische complementariteit. Op het gebied van vorming stelt de studiegroep programma’s voor voor leden van verenigingen over leiderschap, besluitvormingsprocessen en de verhouding tussen vrijheid en gemeenschap; Daarnaast voor vorming voor seminaristen over de roeping van leken en vorming voor bisschoppen over het potentieel en de onderscheidende kenmerken van deze kerkelijke realiteiten. Bovenal benadrukt de studiegroep de noodzaak van een wederzijdse mentaliteitsverandering, bevorderd door persoonlijke kennismaking en regelmatige bezoeken.
Herziening ad liminabezoeken
Het tweede deel van het Eindrapport van Studiegroep 7 wil een vernieuwd begrip en een procedurele herziening bieden van ad-liminabezoeken. Dit in overeenstemming met de apostolische constitutie Praedicate Evangelium van paus Franciscus. Het rapport benadrukt dat het bezoek niet uitsluitend moet gaan over kwesties rond het interne bestuur van de lokale Kerk, maar ook de missie moet ondersteunen die de christelijke gemeenschap geroepen is in de wereld te vervullen.
Ter voorbereiding op het bezoek zou de diocesane bisschop zijn volk bijeen moeten roepen, zodat zij via kerkelijke onderscheiding medeverantwoordelijk kunnen deelnemen aan het opstellen van het Voorlopig Rapport over de toestand van het bisdom., Ook is het wenselijk dat een diocesane delegatie de bisschop vergezelt tijdens het ad-liminabezoek, op de wijze die het meest geschikt wordt geacht, met voorkeur voor degenen die op lokaal niveau bij de voorbereiding ervan betrokken waren.
De Eindrapporten en een korte samenvatting in vijf talen zijn beschikbaar op de website van het Algemeen Secretariaat van de Synode.
Eindrapport groep 6
Eindrapport groep 7