Allemantel

Gepubliceerd op: 23-5-2016 om 08:38 door WvdV.

'S-HERTOGENBOSCH - Beeldend kunstenaar Nelleke de Laat vervaardigt schilderijen, boeken, illustraties, kleding en sieraden. Met haar bijzondere verschijning is ze zelf een levend kunstwerk. Circa vierhonderd kostuums heeft ze ontworpen, die echter niet bestemd zijn voor de verkoop, maar om zelf te dragen. Zo verbeeldt ze vandaag een van de zeven hoofdzonden: IJDELHEID.

Het is met name de pauw die deze hoofdzonde symboliseert. Nelleke de Laat heeft enkele jaren geleden een nieuwe mantel gemaakt voor de Zoete Moeder van Den Bosch. 

Nelleke de Laat
 
Dierbare stoffen

Nelleke de Laat kreeg het idee voor deze mantel medio 2007, toen zij drie maanden exposeerde in het Noord-Brabants Museum in ‘s-Hertogenbosch. De toenmalige directeur van het museum, Jan van Laarhoven, bood haar aan te logeren in de portierswoning van het museum. Als tegenprestatie voor haar tijdelijke Bosschenaarschap wilde zij een mantel aan de Zoete Moeder schenken: “In de Bijbel staat dat je iets moet doen met je talenten en in mijn geval betekent dat aan de slag gaan met de kwast en met naald en draad.” Via de pers riep zij mensen op een dierbaar lapje in te leveren met een briefje erbij waarin dat ‘dierbare’ verklaard werd. Dit leverde 330 stukjes stof op. Er kwamen zeer emotionele brieven binnen over de herkomst van die lapjes: het doopjurkje van een jong gestorven kind, een sjaal van een gestorven geliefde, stukjes kleding van een meisje dat vermoord was, een fragment van het uniform van een soldaat uit Uruzgan. Zowel zeer bekende als onbekende Nederlanders hebben met hun stofjes aan de mantel bijgedragen. Monseigneur Hurkmans schonk een paar sokken, gebreid door zijn moeder toen hij naar het seminarie ging. (“Het waslabeltje zat er nog in.”) Monseigneur Bluyssen stelde een stukje van zijn pyjamabroek ter beschikking en de imam van Eindhoven leverde zijn hoofddeksel in. Nelleke de Laat: “Wat me verraste was het grote aantal inzendingen van jonge mensen. Ze hebben niks meer met het instituut, maar zoeken wel houvast en dat vinden ze bij Maria als moeder.’’ Nelleke de Laat werkte in totaal acht maanden aan de mantel.  Alle lapjes werden bewerkt en bijeengebracht in twee lange stroken en bevestigd op hemelsblauwe en aardkleurige Chinese zijde. Omdat Maria de Moeder is van alle mensen, ongeacht rang, stand, kleur of religie, maakte Nelleke de Laat van de zestien hoofdrassen in de wereld een portretje in olieverf op linnen en deze afbeeldingen verwerkte ze in een stola. Met het eindresultaat oogstte ze veel succes. Ze benadrukt echter dat de mantel een geschenk van ‘Alleman’ is, waarvoor zij slechts als medium heeft gefungeerd. Een aantal verhalen-bij-de-lapjes is gebundeld in een boek, 'Allemantel, mirakels van nu'. Nelleke de Laat: “Maria, Onze Lieve Vrouw is voor iedereen een toevluchtsoord en een bron van troost. Het doet er niet toe welke religie je aanhangt, zij spreekt als symbool iedereen aan. Zodoende was het logisch om de nieuwe mantel een ALLEMANTEL te noemen, dus van en voor alleman.”

Uitstraling

Nelleke de Laat (Middelrode, 1946) kreeg op twaalfjarige leeftijd van haar vader een naaimachine en enkele schilderkwasten van uitzonderlijke kwaliteit. Reeds als kind maakte ze alle kleding zelf en ging meestal met de bus naar school, want op de fiets was het ondoenlijk in naar haar zeggen ‘’alle gekke gewaden’’.  Haar voorkeur om zich exotisch uit te dossen heeft geen pesterijen opgeleverd. Ze herinnert zich hoe ze op de eerste schooldag fier rechtop de klas in kwam en zei: ‘’Ik ben Nelleke de Laat en jullie hoeven niet te kiezen, want ik wil klasse-vertegenwoordigster zijn. Het werkte, want niemand heeft er ooit iets van gezegd. Je moet uitstralen dat je zelfvertrouwen hebt.” Haar vader heeft haar in dit opzicht gestimuleerd. Toen ze op haar 15e een aantal schilderstukken gereed had vond hij dat ze er de boer mee op moest. Ze begon bij notaris Wedemeijer; hij kocht een van haar werken en gaf haar de opdracht hem te schilderen en een van zijn zonen. Na de notaris volgden de beide lokale huisartsen en binnen veertien dagen was ze alles kwijt. 

Met haar man Cor Swanenberg en hun beide zoons deelt Nelleke de Laat een brede belangstelling voor Brabantse dialecten en voor beeldende kunsten. Zoon Jos is gepromoveerd op aanduidingen voor vogels in de Brabantse dialecten. Zoon Gurt exposeert komend najaar in het Noord-Brabants Museum (De Zeven Hoofdzonden: Gurt Swanenberg en Pieter Breugel). Nelleke: “Wij zijn de grond geweest, het is mooi om te zien hoe zij weer een stap verder gaan.” Naar eigen zeggen komt ze zelf nog altijd armen en tijd te kort om alles uit te voeren wat er in haar hoofd opkomt. 
Nelleke de Laat is een van de sprekers tijdens de Catharinadag op 25 november 2016