Frater Marist: ''Leef eenvoudig''

Gepubliceerd op: 22-12-2015 om 08:04 door Rick Timmermans. Bron: De Schakel Nummer 225 - december 2015

NIJMEGEN - Brendan Geary (1957) is sinds 2010 Provinciaal Overste van de Fraters Maristen in West- en Midden-Europa. Zijn werk bestaat voor een groot deel in het leiden van de gemeenschap in een periode van krimp.

In het recente nummer van het kwartaalblad van de Maristen is een uitgebreid interview opgenomen met ''wereldverbeteraar'' frater Brendan Geary. Onderstaand de integrale weergave hiervan.

Stilte en rust bekleden de kamer van Frater Brendan Geary. In het turbulente leven van deze frater is dit zijn oase. Hoeveel werk er ook op hem wacht, als hij in Nijmegen is, trekt hij zich na het ontbijt altijd hier terug om iets te lezen; meestal geschiedenis of een spiritueel boek. Vroeger ging hij na ochtendgebed en ontbijt meteen aan het werk in zijn kantoor aan de overkant van de gang. ‘Maar ik vind dat ik te hard werk’, zegt hij.

Dat harde werken is iets waartegen hij zichzelf moet beschermen, merkt hij op. Sinds hij eind 2009 werd gekozen tot Provinciaal Overste van de Fraters Maristen in Nederland, België, Ierland, Duitsland en in Schotland, houdt zijn werk nooit op. Hij draagt de verantwoordelijkheid voor 120 fraters – wat er 156 waren toen hij in 2009 begon. ‘Voor een groot deel bestaat mijn werk in het in goede banen leiden van de krimp van onze gemeenschap.’ Een zware taak, merkt hij. ‘Veel fraters hopen uiteindelijk te sterven in het huis waar ze al decennialang wonen. Maar het is belangrijk dat de huizen die we overhouden vitaal zijn. Daarom moeten we fuseren of oudere fraters laten verhuizen naar een verzorgingshuis. Dat is moeilijk. Zeker omdat het niet mijn keuze is geweest om de levens van anderen overhoop te halen.’

De gemiddelde leeftijd van de Fraters Maristen is 76 jaar. Toen Frater Brendan zelf marist werd, was dat anders. Toen was het meer vanzelfsprekend dat jonge mensen kozen voor een religieus leven. Hijzelf werd tot dat leven geroepen toen op zijn middelbare school een marist langskwam. ‘Het verhaal dat hij vertelde over het leven van de fraters sprak me aan. Je kunt ook zeggen dat ik per ongeluk marist werd. Ik wilde lesgeven en dat kon bij de fraters. Ik had ook wel priester willen worden, maar die dingen gingen niet samen.’

Een verschil maken

Later werd hij erin bevestigd dat zijn keuze voor de fraters de juiste keuze voor hem was. Vooral doordat de levensinstelling van de fraters goed aansloot bij zijn Schotse achtergrond. ‘Voor beiden is het gelijkheidsprincipe belangrijk: dat ieder mens van gelijke waarde is. Als priester zou dat voor mij gaan knellen. Ik wil geen macht over mensen hebben in de zin van autoriteit. Het vaderschap in de kerk is belangrijk, maar die functie past niet bij mij.’

Geary houdt ervan een verschil te maken, wat inhoudt dat je in staat bent situaties te beïnvloeden en macht en autoriteit te gebruiken. Hij is iemand die anderen graag mogelijkheden geeft en daarom hecht hij belang aan eerlijkheid over het vermogen om veranderingen aan te brengen in een situatie. Macht op zichzelf spreekt hem niet bijzonder aan, het vermogen om veranderingen aan te brengen om het leven van mensen te verbeteren wel. Hij vindt het idee om de wereld te verbeteren interessant. Daarom ging hij lesgeven, want in de Schotse geschiedenis had hij gezien dat onderwijs een sterk mechanisme is voor verandering en verbetering. ‘Dat idee speelde sterk in mijn jeugd. Onderwijs brengt bevrijding en vrijheid op gang. In landen waar vrouwen naar school gaan is meer ontwikkeling, dat is een feit. En in die landen is er ook meer gelijkheid tussen armen en rijken. Marist worden was mijn manier om de wereld te verbeteren.’

Maar de mal waar hij als Frater Marist in moest passen, wrong in het begin nogal. Toentertijd werd er veel tot de maagd Maria gebeden en hij zag dat medefraters bidprentjes van Maria koesterden. ‘Ik voelde me daar lange tijd oncomfortabel bij. Ik houd er nog steeds niet van.’ Hoewel hij zich wel aangetrokken voelt door de figuur van Maria. ‘Het waren uiteindelijk de vrouwelijke waarden, vertegenwoordigd in de maristenspiritualiteit, waardoor ik me ging thuis voelen bij de maristen. De kerk naar het voorbeeld van Maria heeft niet veel te maken met een kerk van bisschoppen, kardinalen en pausen en dat spreekt me aan. Maria was op de achtergrond aanwezig, in alle eenvoud. In onze spiritualiteit is eenvoudig leven, barmhartigheid en het besef dat ieder mens er mag zijn belangrijk. Als ik zeg dat ik graag macht heb – omdat het mij in staat stelt dingen te veranderen – dan doel ik erop dat ik wil dat deze aspecten groter worden in de wereld.’

Eenvoud

Vooral het woord eenvoud spreekt hem daarin aan. ‘Leef eenvoudig zodat anderen eenvoudigweg kunnen leven’, is een motto dat hem aanspreekt; een spiritualiteit die zijn oorsprong vindt in de stichter van de Fraters Maristen, Marcellinus Champagnat. ‘Maristen zijn praktische mannen. Het beeld dat bij de stichter past is dat van een gereedschapskist. Toen hij scholen stichtte in de kleine dorpen in de Franse bergen, bikte hij zelf stukken rots weg. We hebben altijd een traditie gehad van hard werken.’

Dat helpt hem zichzelf niet te verliezen in intellectuele bezigheden, hoewel hij verschillende boeken schreef, promoveerde en psycholoog van beroep is. Zijn traditie helpt hem om beide voeten op de grond te houden. ‘Ons spirituele leven is niet gebaseerd op spirituele ideeën, maar op vragen als: wat helpt mij om een goed leven te leiden, dichtbij God? Wat helpt mij om bij mijn roeping te blijven? De fraters zijn praktisch. Als ik een workshop geef, moet ik er rekening mee houden dat de fraters denken: wat heb ik eraan als ik straks thuis ben? Als ik kinderen lesgeef? Als ik bid met mijn fraters?’

Over dat eenvoudige leven vertelt Frater Brendan een verhaal over zijn Australische fraters. Die waren een school aan het bouwen toen er een man langskwam die een school zocht voor zijn zoon. ‘Hij trof de fraters aan die een hek bouwden. “Is dit de school van de maristen”, vroeg de man. “Kan ik even spreken met het schoolhoofd?” Dat kon natuurlijk, hij was een stukje verderop aan het werk in de bouw. Toen wist die man genoeg. Op een school waar de directeur meewerkt aan de bouw van de school, zijn waarden vertegenwoordigd die hij wil meegeven aan zijn kind.’

Maar Frater Brendan is ook de eerste die kanttekeningen bij deze spiritualiteit plaatst. Een praktische levensinstelling en hard werken is mooi, maar wat als je met pensioen gaat of als het lichaam niet meer kan werken? ‘De schaduwzijde van onze spiritualiteit is dat het voor oudere fraters moeilijk is om achterover te leunen en tegelijk iets van zingeving in hun leven ontdekken.’

Luisteren naar God

Dat geldt ook voor hemzelf. Om te zorgen voor een dosis gezond tegengas, probeert Frater Brendan naast een werkend leven ook een biddend leven te leiden. Hij leest dagelijks de lezing van de dag, probeert te ontdekken wat hem daarin raakt en hij neemt tijd om dankbaar te zijn. ‘Meestal bid ik niet speciaal voor iets, maar ga ik het gebed open in. Ik probeer te zien wat God wil zeggen.’

Maar voor hem is bidden niet alleen luisteren naar God. ‘In het gebed creëren we ook ruimte om te luisteren naar onszelf. De Bijbel zegt: je kunt God niet zien en in leven blijven. Wat we in het gebed wel kunnen, is onze valse Godsbeelden ontmaskeren om zo dichter bij de ware God te komen. Dat gebeurt als ik met het evangelie in het achterhoofd luister naar mezelf; naar wat mij boos maakt en verdrietig, maar ook naar wat mij vreugde geeft en wat ik waardevol vind.’

Brendan Geary

Frater Brendan Geary

Dat probeert hij dagelijks te doen. In Nijmegen bidt hij ‘s morgens met de gemeenschap in de kapel, in de ruimte onder het huis. ‘Samen bidden we een half uur in stilte. Dat vind ik mooi, want we doen het samen en bovendien: ik spreek geen Nederlands.’

Toekomst

Hoewel Frater Brendan verantwoordelijkheid draagt voor de toekomst van de gemeenschap, speelt die toekomst geen grote rol in zijn gebed. Hij vindt het moeilijk om iets te zeggen over de weg die God gaat met de Fraters Maristen. ‘We moeten voorzichtig zijn in hoe we ons uitdrukken over Gods plannen. Toen ik jong was, was ik veel zekerder van Gods plan, maar dat is de vreugde van de jeugd, zal ik maar zeggen.’

Toch heeft hij wel ideeën over de toekomst van de Fraters Maristen. ‘Ik denk dat onze manier van leven in dit deel van de wereld ten einde loopt. Dat zeg ik met een droevig hart, want ik vind dat wij goede waarden vertegenwoordigen. Maar het is wishful thinking dat een gemeenschap met een gemiddelde leeftijd van 76 jaar veel toekomst heeft.’

Toch is hij niet pessimistisch over de toekomst. Dat komt omdat hij fundamenteel gelooft dat het leven doorgaat zolang Gods Geest in de wereld is. ‘God is in het goede – de vrijgevigheid, de compassie, de zin van het leven, het vertrouwen en het geduld. Als ik die dingen in mijn leven kan identificeren, dan zie ik Gods aanwezigheid. Hoe dat in verhouding staat tot de plannen die God met deze wereld heeft, dat gaat mijn geloof te boven. Maar God verlaat ons nooit. Ik geloof in een God die aanwezig is, ook in het lijden. Daarover gaat het kruis van Jezus. Ook als ik niet snap waarheen de krimp van onze gemeenschap leidt, geloof ik dat God met ons is. Hij is aanwezig.’

De generaal overste van de fraters Maristen zal frater Brendan Geary vanaf 1 april 2016 voor een volgende termijn van drie jaar benoemen.

Biografie

Geboren op 20 augustus 1957 in Glasgow, Schotland

  • Frater Marist, professie in 1976
  • Theologiestudie aan het St. Patrick’s College in Maynooth (1976 -1977),
  • M.A. in Engels en Geschiedenis aan de Universiteit van Glasgow
  • Leraar aan de St. John’s High School in Dundee, Schotland (1982- 1985)
  • Jeugdwerk in Londen (1985 – 1987)
  • Lid van het Maristen retraiteteam in Kinharvie House, Schotland (1987-1993)
  • Leraar aan de middelbare school in N.W. Kameroen in 1993, daarna vormingscoördinator. Samen met een Spaanse priester richtte hij de Our Lady of Africa Formation Group op, een inter-congregationeel opleidingsteam. Hij werkte met priesters, religieuzen en leken op het gebied van menselijke en spirituele ontwikkeling
  • Vanaf 1998 studie Counseling aan het Loyola College in Maryland. In de VS werkte hij met slachtoffers en plegers van seksueel misbruik. Ph. D. in Counseling in 2003
  • Vanaf 2003 eerste Director of Human Formation in Ushaw College, seminarie voor het noorden van Engeland
  • Provinciaal Overste van de Fraters Maristen in West- en Midden-Europa vanaf december 2009
  • Auteur van artikelen en hoofdstukken over spiritualiteit, psychologie en menselijke ontwikkeling, mederedacteur van meerdere boeken over verslaving, probleemgedrag, seksualiteit en seksueel misbruik
  • Leidde workshops en retraites in de Verenigde Staten, Australië, Afrika, Zuid- en Midden-Amerika en Europa
  • Gediplomeerd psychotherapeut en psycholoog