Herontdekking van de stilte

Gepubliceerd op: 26-10-2015 om 09:14 door Hanneke Arts-Honselaar. Bron: www.nieuwwij.nl

DOETINCHEM - In een interview met Nieuw Wij ontvouwt Henry Vesseur osb, die onlangs gekozen is tot vierde abt op rij van de Sint Willibrordsabdij, zijn visie op de beoefening van zen in zijn gemeenschap, op zijn nieuwe rol als abt en op de toekomst.

In de Sint Willibrordsabdij wordt sinds de jaren zestig zen beoefend. Wat heeft de gemeenschap in zen gevonden ?
“In zen hebben we toch vooral het beeldloze en woordloze bidden gevonden. Dergelijk bidden is ook in het christendom zelf aanwezig, wanneer we spreken over bidden als gebed van rust. Het beoefenen van zen is voor ons eigenlijk een herontdekken geweest van dit aspect van de christelijke traditie: de contemplatie. We hebben als het ware de stilte opnieuw ontdekt. Ook in de kerk zie je dat terug. Zo zijn er in de liturgie stiltes gekomen waardoor de contemplatie een soort stroom kan worden, ononderbroken. De stilte leidt de diepte in, naar het midden, naar je hart. Voor die beweging hadden we eigenlijk geen middelen meer. Zen heeft daarbij geholpen. Zo ontdekten we weer wat Benedictus bedoelt met luisteren. In feite is mindfullness, waar nu iedereen zijn mond vol van heeft, niets anders dan dat.”

Hoe ziet u de beoefening van zen binnen de kloostergemeenschap?
“Het eigene van het christendom is voor mij Christus. Hij is de reden van bestaan voor christenen. Dat is een verschil met andere tradities. Die verschillen moeten we blijven zien. Zen heeft voor ons gefungeerd als een methode om lagen in onze eigen traditie bloot te leggen. Daardoor is het een verrijking geworden voor ons kloosterleven. De hele cultuur die daarachter zit, de boeddhistische cultuur, het achtvoudige pad, etcetera heeft voor ons geen directe waarde in die zin dat zij ons kloosterleven mee inkleurt. En, moet ik er eerlijkheidshalve bij zeggen, momenteel ben ik de enige hier in huis die zich intensief met zen bezighoudt en zenmeditaties leidt. Zen is voor ons klooster eigenlijk meer een erfenis, tegenwoordig zijn we er niet meer diepgaand mee bezig.”

Henry V

Henry Vesseur osb

Wat merkt u binnen het klooster van de aanwezigheid van mensen uit verschillende culturen?
“Onze gasten zijn toch vooral katholiek en protestant. Dat laatste is op zich al een heel bijzonder gegeven. Ook in de oblatenkring (we hebben nu 110 oblaten) is een flink percentage predikanten. Dat is niet vreemd want de Benedictijnse traditie is van voor de Reformatie. We komen daardoor als tradities dichter bij elkaar.”

Welke invalshoek biedt de Benedictijnse traditie om naar diversiteit te kijken?
“De notie van gastvrijheid – een belangrijk thema in onze Regel – biedt morele graadmeters voor het gedrag buiten het klooster. Benedictus leert ons in iedere gast Christus te zien. Het opvangen van vluchtelingen heeft alles met gastvrijheid te maken. Wij hebben daar aan de poort van het klooster natuurlijk ook mee te maken. En onvermijdelijk moeten ook wíj keuzes maken. Je kunt wel iedereen binnenlaten, maar wanneer iemand bijvoorbeeld dermate verward is dat daarmee de rust van de gemeenschap en de andere gasten in het gedrang komt, verwijzen wij door. Dat heeft te maken met de beperktheid van de eigen mogelijkheden. Ons ideaal van gastvrijheid zegt, je moet ze allemaal een plek geven. Maar aan de andere kant heb je ook verantwoordelijkheid naar je eigen gemeenschap en naar de andere gasten. Dan moet je tegen het licht van het ideaal eerlijk een afweging maken. Dat is waar de overheid aan de grens – op veel grotere schaal – ook voor staat.”

U bent onlangs abt geworden. Hoe vat u uw rol als abt op?
“Wat voor mij heel zwaar weegt is het genezingsaspect van het geloof. Het besef dat in zwakheid je kracht ligt. Ik heb dat aspect van ons geloof in een moeilijke periode van mijn leven zelf mogen herontdekken via de charismatische vernieuwing in de Kerk. Benedictus zegt van de abt ook dat hij als een arts te werk moet gaan, aandacht voor verzorging, heling, uitgaan van de gebrokenheid van de mens. Dat is voor mij een centraal gegeven. Mijn rol als geestelijk begeleider, als novicemeester, en nu als abt, bestaat hieruit. Daarom heb ik de volgende tekst uit de Regel van Benedictus als mijn devies gekozen: ‘niets dierbaarders kennen dan Christus’. Die innige verbondenheid, dat is het voor mij. In het Latijn staat er carius, d.w.z. met liefkozing, met care. Liefde is iets heilzaams, helend. Het is vanuit deze liefdevolle zorg dat ik mijn ambt als abt opvat.”

Hoe ziet u de toekomst van de abdij? Zijn jullie ook met nieuwe initiatieven bezig?
“Onze gemeenschap is momenteel een soort kraamkamer. Bijna de helft van onze gemeenschap is in opleiding. We zijn nu met z’n elven, en komen van nog kleiner. Dat heeft automatisch tot gevolg dat we onze energie nu meer naar binnen richten. Pas volgend jaar hebben we de ruimte om onze energie meer naar buiten te richten en ons verder op de markt te plaatsen. Dan gaan we binnen ons bezinningscentrum meer activiteiten aanbieden. Daar zijn nu vooral externe groepen actief die hun eigen begeleiding meebrengen. We kozen daar in het verleden voor omdat we zelf geen mensen hadden om dergelijke activiteiten aan te bieden maar wel het inkomen nodig hadden. Nu we zelf gekwalificeerde mensen in huis hebben, ook theologisch, kunnen die mee een inkomen genereren. Maar er ligt wat dat betreft nog niets vast, het kan zich zomaar ontwikkelen in een andere richting.”

Het volledige interview