''Als op adelaarswieken gedragen"

Gepubliceerd op: 13-1-2016 om 07:42 door WvdV.

TILBURG - Onder deze titel publiceerde Ed van den Berge ofm cap eind vorig jaar zijn autobiografie.

Ed van den Berge (Slikkerveer, 1927) kwam ter wereld in een omgeving, die tot de Bible Belt gerekend wordt. Zijn ouders echter waren ‘niks’ (niet gelovig), zoals hij zelf schrijft. Vader was van vroeger-uit van hervormde huize en moeder had katholieke wortels, maar in hun opvoeding had godsdienst vrijwel geen rol gespeeld. Deze onthulling aan het begin van het boek wekt interesse voor een antwoord op de vraag hoe een mens onder deze omstandigheden tot religieus leven geroepen wordt. Toen de scheepswerf waaraan vader Van den Berge verbonden was failliet ging, trok het gezin naar Amsterdam.

De oorlogsjaren daar maken veel indruk op de jongeling; in zijn geheugen is een fragment gebeiteld uit een gedicht van Charels Graeser: Und drängen die Nebel noch so dicht sich vor den Blick der Sonne, sie wecket doch mit ihrem Licht einmal die Welt zur Wonne! Tijdens de oorlogsjaren ging hij op zoek ging naar de diepere zin van het leven en dat bracht hem in contact met de kapucijnen van de Tichelkerk in de Jordaan. Ene pater Victor werd zijn leidsman. Maanden achtereen ging hij wekelijks in gesprek met deze nuchtere en humoristische Brabander. Tegelijkertijd bleek zijn zus met dezelfde plannen bezig te zijn; zij ontving wekelijks godsdienstig onderricht  van een zuster. Ed werd zeer actief in de Chassé-parochie. Beide ouders volgden na verloop van tijd de geloofskeuze van hun kinderen (of beter, zo schrijft hij: in hun gekozen zijn). In 1943 werd Ed van den Berge op z'n 17de gedoopt. En deze keuze voor het katholieke geloof stemt hem vreugdevol. Dat blijkt onder meer uit de wijze waarop hij de Stille Omgang in 1945 memoreert: Het Olympisch Stadion werd afgehuurd voor een geweldige manifestatie. (-) Het was een feest om nooit meer te vergeten. (-) Kortom: ik voelde me als een vis in het water. De grote Visser had me gevangen en de vis voelde zich er diep gelukkig mee.

Ed vd Berge ofm cap

Zijn opleiding krijgt hij in Voorschoten (Beresteyn),  Helmond en in Biezenmortel. Na een zware burn out oefent hij de nieuwverworven praktijken van biechthoren en preken bij pastoors in de Kempen en werkt vervolgens van 1958 tot 1963 als moderator van de katholieke studentenkring van vijf hbo-instellingen in Enschede. ‘De studenten hebben me weer thuis bij mezelf gebracht,’ zo schrijft hij over deze fase in zijn leven. Wanneer hij in 1963 tot missieprocurator wordt benoemd zijn er 156 missionarissen in Sumatra, Kalimantan, Chili en Tanzania. Het boek geeft een goed beeld van het vele werk op de missieprocuur in die tijd. In 1966 start de missieprocuur met een uitgebreide nieuwsbrief om het contact met het moederland te versterken (CC of Carissime Confrater). In deze fase wordt Ed  van den Berge bestuurslid van CMC. Vanaf 1969 combineert hij het missieprocuratorschap met de functies van studentenpastor en docent levensbeschouwing aan de Hogere Technische School. De explosieve groei van studentenaantallen en –lesuren leidt tot zijn afscheid van de procuur  in 1974. Zijn werk aan de HTS zet hij voort tot aan zijn vervroegd pensioen in 1990, maar dan is hij al weer enige tijd verbonden aan de parochie Trouwlaan (tot  zijn emeritaat in 2001). Op een steenworp afstand van het kapucijnenklooster aan de Korvelseweg heeft hij sinds 1974 in de Paterstraat een belangrijk deel van zijn leven doorgebracht. Vroeger konden er studenten terecht voor een goed gesprek of, in noodgevallen, een dak boven hun hoofd. Later maakten de studenten plaats voor parochianen of andere mensen die wel enige ondersteuning konden gebruiken. Binnen de parochie Trouwlaan heeft Van den Berge met succes de devotie voor ordegenoot Pater Pio gepromoot, waarbij ook zijn charismatische uitstraling  een rol heeft gespeeld. Van den Berge heeft zijn sterke sociale inslag op tal van manieren handen en voeten gegeven. Via zijn werk heeft hij ontelbare mensen leren kennen en met hen ontstaan duurzame vriendschappen. Uit deze autobiografie rijst Ed van den Berge op als een verbindend figuur. Een voorbeeld ter illustratie. Na de dood van zijn vader huurt hij voor zijn moeder een appartement in Tilburg en hij brengt haar in contact met Iedje Rosenburg, het hoofd van de studentenadministratie. Ook tussen beide vrouwen groeit een intensieve band, die onder meer gevierd wordt tijdens reizen naar Corfu en India in gezelschap van de verbindende schakel: Van den Berge .

Als op adelaarswieken gedragen is om meerdere redenen een interessant boek. Naast scherpe persoonlijke herinneringen is er de weergave van de ontwikkelingslijnen in het geloofsleven van katholieken in ons land. Waardevol zijn ook door de talrijke overwegingen, die zijn ingevlochten in het levensverhaal van iemand wiens passie voor God en mensen krachtig en overtuigend is. Treffend besluit Ed van den Berge zijn levensverhaal aldus: Wat heb ik een zegeningen genoten! En God gaf me het voorrecht dat ik ze nog zag ook.

''Als op adelaarswieken gedragen. Een zelfportret'' door Ed van den Berge